Primeur voor Uithoorn: wietbier

Illegale kwekerijen, criminaliteit, maar ook muffe dampen uit het fietsenhok en snelle gasten met Vespascooters. De associaties die niet-gebruikers hebben bij cannabis zijn doorgaans niet positief. Dat kan en moet anders, vindt Arthur Heine. Hij wil laten zien dat er meer kan met cannabis. Bijvoorbeeld bier brouwen. Daarvoor heeft hij de handen in één geslagen met Jet van Dalfsen, van Brouwerij de Schans in Uithoorn. Na veel experimenteren is het ze gelukt om wietbier te brouwen, een primeur voor Nederland. Zondag 27 januari is het bier gepresenteerd.

Makkelijk was het niet om een lekker biertje te brouwen met cannabis. “Het was een lang proces, waarbij we gehuild en gevloekt hebben. De eerste test-batch rook en smaakte meer naar boerenkool dan naar bier,” aldus Heine. Maar de aanhouder wint, het is brouwmeester Erik toch gelukt een smakelijk biertje te brouwen. “We hebben een zeer hoogwaardig bier gemaakt, met een biologisch streekproduct.” Hij doelt op de wiet, die gekweekt is in de biertuin van de brouwerij, zonder het gebruik van pesticiden. De planten stonden er open en bloot, waren voor iedereen zichtbaar. Daarmee liepen de ondernemers best een risico: want dat betekende dat de planten vlak voor de oogst zouden kunnen worden meegenomen.”

Grootste gevaar voor de planten bleek echter de warme en droge zomer. “In de vakantie hadden we een schema voor het bewateren van de planten, om te voorkomen dat de oogst zou mislukken.” Het beste deel van de oogst was genoeg voor een badge van ongeveer 300 flesjes. Die gaan straks voor 6,95 euro over de toonbank. “Eén euro daarvan wordt gebruikt voor het helpen beschikbaar stellen van cannabis(olie). Om onverklaarbare redenen worden medicinale cannabisproducten niet vergoed, terwijl mensen er wel veel baat bij kunnen hebben. Een oplossing is om zelf planten te kweken, maar dat is niet voor iedereen weggelegd. Daarom is ons motto ‘Kweek je niet voor jezelf, kweek dan voor een ander’. Mensen die mee willen doen, leveren wij zaden en advies.”

In het bier gaat het om de geur en smaak van de cannabis. “Het werkt niet psychoactief. In het bier zit niet tot nauwelijks THC. Je moet minimaal een brouwketel van 200 liter leeg drinken, wil je er stoned van worden.” Het wietbier is voor Heine de kroon op zijn werk. Naast postbode en wijnhandelaar is hij voorvechter voor de legalisering van wiet. “Het gaat me niet alleen om het bier, maar ook om de boodschap. Over cannabis bestaan veel vooroordelen. Vaak wordt alleen naar de negatieve effecten gekeken. Gebruikers worden gestigmatiseerd. Het woord ‘gebruiker’ zegt al genoeg: waarom is iemand die wijn drinkt een consument en iemand die blowt een gebruiker?”

Heine wil laten zien wat er ook kan met cannabis. Koken bijvoorbeeld, zo liet hij eerder tijdens workshops zien. En nu is er dus wietbier. In de VS en Canada wordt daar al meer mee geëxperimenteerd, maar in Nederland staat het gebruik nog in de kinderschoenen. De ondernemer verwacht een groot succes. “Ik ben door verschillende partijen al benaderd die interesse hebben. Lokale winkeliers die het bier willen verkopen en grote brouwers, die benieuwd zijn naar het recept. Uiteraard blijft dat geheim…”

De mooiste portretten

2018, mijn eerste volledige jaar als zzp-er. Niet eerder maakte ik zoveel foto’s en artikelen in opdracht. Daarbij heb ik bijzondere mensen ontmoet, van jonge ondernemers vol plannen tot ervaren CEO’s, van verenigingsmensen tot ‘man van de straat’.  Ze vertelden over hun dromen, wensen en inzichten. Ik mocht top-fotografen interviewen uit binnen- en buitenland, die hun leven wagen aan de frontlinie, zich inzetten voor het behoud van bedreigde diersoorten of aandacht vragen voor misstanden of verborgen schoonheid in onze maatschappij.  Een leerzaam jaar dus, met mooie ontmoetingen. Met het aftellen naar 2019, een aantal favoriete portretten.

Hier als header @mevrouwdemolenaar, oftewel Christa Bruggenkamp. Ze is ambassadeur voor het bakkersvak, beheert een monumentale molen en bakt de lekkerste producten van grondstoffen die zoveel mogelijk uit de regio komen. Vorig jaar rond kerst ging ik op bezoek in Friesland. Het artikel plus foto’s verscheen begin dit jaar in het vakblad Bakkers in Bedrijf.

Kettinggesprek

Voor het Weekblad voor Ouder-Amstel heb ik dit jaar het Kettinggesprek mogen doen. Een groot interview dat als een ketting wordt doorgegeven. Elke kandidaat verzint een vraag voor de volgende. Sommige gesprekken zijn heel persoonlijk, anderen gaan vooral over liefhebberijen of werk. In de galerij hieronder zie je onder meer bio-boer Wes Korrel, die zich inzet voor de weidevogel; oud-politieman Piet van der Kamp (heerlijk die pretogen) en ondernemer Bas Filippini.

Margarine

Terugkijkend naar de foto’s die ik afgelopen jaar heb gemaakt, besef ik pas goed hoeveel mazzel ik heb. Als schrijver en fotograaf heb ik echt het leukste beroep ter wereld. Tuurlijk, er zitten ook weleens mindere opdrachten bij. 500 woorden schrijven over een type margarine, dat is niet echt mijn roeping.  Maar daar staan leuke en inspirerende ontmoetingen tegenover. Met de kinderburgemeesters van Amstelveen bijvoorbeeld; de architect van de Zuid-As: Pi de Bruijn, Amstelveens finest op literair gebied (de stadsdichters Koos Hagen en Matthijs den Hollander, en schrijver Jacobine van den Hoek), directeur Sportstad Heleen van Ketwich Verschuur (we delen de liefde voor Ajax), Ouderkerks troubadour Leo Meesters en de jongens van Kek bier, die gelukkig wel in waren voor ‘n geintje. En tot slot Ann Broertjes, één van de mooiste kettinggesprekken tot nu toe. Als paardenmeisje mag natuurlijk ook een foto van een pony niet ontbreken: hier Lotje en Twickel tijdens een gewonnen fotoshoot.

Ik heb nu al zin in 2019. Fijne jaarwisseling!

Sint Maarten

Wie is er vroeger niet met een lampion langs de deuren gegaan? Een hele belevenis, vooral voor het lichtje-op-batterij tijdperk. Je eigen creatie stond met een klein zuchtje wind in no time in de fik dankzij het brandende waxinelichtje.
Na een succesvolle ronde door de wijk kwam je terug met een berg snoep, waar je vervolgens heeeel lang op kon teren. Soms had je mazzel, en kreeg je zelfs een beetje geld.

Hooligans

De Young Leaders van ponymanege Equito mochten onlangs op bezoek bij de bereden politie. Heel bijzonder, want de politie opent de deuren tegenwoordig enkel nog voor open dagen.

De kinderen kregen eerst een film te zien over het werk van de bereden politie. De agenten worden niet alleen ingezet bij voetbalwedstrijden, rellen of demonstraties, maar ondersteunen ook hun collega’s in het wijkteam. Daarnaast hebben de beredenen ook een ceremoniële functie – bij hoog bezoek aan de stad Amsterdam vormen de ruiters een erehaag.

Best spannend, tussen die grote paarden door lopen

Na de film volgde een demonstratie. Te zien was hoe de paarden in de bak worden getraind om te wennen aan situaties die ze tijdens hun werk kunnen tegenkomen, zoals vlaggen, vuurwerk en zelfs geweerschoten.

Het was niet alleen kijken, de YLP-ers mochten ook meehelpen bij de training. Als hooligans moesten ze zoveel mogelijk herrie maken, en zelfs tennisballen gooien naar de paarden. Daarna was het hard wegrennen, want deze paarden zijn getraind om zich door niets of niemand in de weg te laten staan.

Na de demonstratie kregen de kinderen een rondleiding door de stallen. Ze zagen bijvoorbeeld het rek met hoefijzers, waar voor alle paarden op stal een aantal hoefijzers klaar hangt. De agenten hebben geleerd deze zelf bij hun paarden onder te slaan. Handig, wanneer een paard tijdens een actie een ijzer kwijt raakt. Natuurlijk mocht er geknuffeld worden met de paarden, die dat wel konden waarderen.

Knuffelen met politiepaard Eddy

Voor de kinderen was het een leerzame en leuke ervaring. Duidelijk werd dat je als politie te paard sterk in je schoenen moet staan. Bij de bereden politie kom je niet zomaar, je moet eerst de opleiding tot agent volgen. Een agent te paard werkt niet alleen overdag, maar ook ‘s avonds en in het weekend.

De band tussen een agent en zijn paard is heel bijzonder. Ze moeten elkaar in elke situatie kunnen vertrouwen. Dat vraagt jaren training. De paarden zijn hun gewicht in goud waard voor de politie!

Leidinggeven aan professionals? Niet Doen!

Jaren geleden mocht ik Mathieu Weggeman interviewen, hoogleraar Organisatiekunde aan de Technische Universiteit Eindhoven. Hij verzorgde een lezing op het VGCt najaarscongres naar aanleiding van zijn onderzoek gericht  op het begrijpen en verklaren van innovatieprocessen in technologie- en kennisintensieve organisaties. Jaren later is zijn boodschap nog steeds actueel voor leidinggevenden en managers. Differentieer in je stijl van leidinggeven, vindt hij.  Want anders had je net zo goed in een koekjesfabriek kunnen werken.

In Nederland komen steeds meer kenniswerkers, ook in de zorg. Deze professionals staan veelal onder leiding van managers, die graag willen leidinggeven. Daarbij wordt gebruik gemaakt van regels, procedures en informatiesystemen om alles in de klauwen te houden. ‘Niet doen!,’ zegt Weggeman. ‘Als je op een succesvolle wijze leiding wilt geven aan professionals in de zorg, dan moet je waardering hebben voor hun vak en de uitvoering daarvan faciliteren.’

Bij veel organisaties weten managers echter te weinig van het vak om professionals te faciliteren. Weggeman: ‘Uit onzekerheid sturen die managers op planning en controle van werkprocessen. Kenniswerkers worden hierdoor lastiggevallen met een groot aantal formulieren en rapportschrijverij. Maar al die bureaucratische rompslomp kost tijd. Tijd die zij beter hadden kunnen besteden aan het uitvoeren van hun vak.’

Collectieve ambitie

Maar hoe moet het dan wel? Weggeman: ‘Managers kunnen beter sturen op collectieve ambitie. Hoe meer kenniswerkers zich kunnen vinden in de missie van het bedrijf of de organisatie, hoe productiever ze zijn. Investeren in het gezamenlijk ontwikkelen van deze collectieve ambitie loont. Hoe meer een kenniswerker zich persoonlijk betrokken voelt bij de mensen met wie hij de organisatie vormt en bij de hogere doelen die zij nastreven, hoe kleiner de kans dat hij de kantjes er vanaf loopt.’

Differentiëren

Elke werknemer is anders. ‘Je manier van leidinggeven moet je daarop aanpassen. Of je zegt: het werken in onze organisatie is als het werken in een koekjesfabriek, iedereen is inwisselbaar. Of je zegt: we werken met professionals. Zo heb je trainees, die nog veel moeten leren, high potentials, die innovatieve ideeën aanleveren, productietijgers, die goed zijn in de ‘gewone’ productie, en ga zo maar door. Al die mensen hebben een verschillende behandeling nodig.’

Differentiëren? Vinden leidinggevenden dat niet lastig? ‘Differentiëren kunnen mensen heel goed. Met de kinderen lukt het altijd aardig. Zo weten mensen precies te vertellen dat ze Marieke niet hoeven aan te sporen omdat ze uit zichzelf met haar huiswerk begint, terwijl ze Jan altijd achter de vodden moeten zitten.’ Weggeman vervolgt: ‘Leidinggevenden hebben last van een misplaatst gevoel van rechtvaardigheid. Niet iedereen werkt even hard. Mensen die harder werken, moet je extra belonen. Dat kan natuurlijk heel simpel met loon, maar er zijn tal van andere zaken te bedenken waarmee je medewerkers kunt belonen. Bijvoorbeeld een gunstig werkrooster, een nieuwe computer, uitzicht op omringende weilanden in plaats van een binnenplaats of meer mogelijkheden om thuis te werken.’

Change

Een individuele aanpak betekent wel een omslag in het denken. Is Nederland hier wel klaar voor? ‘In Nederland vinden we verschillen in macht en positie heel vervelend. Daarom noemen we onze minister president bijvoorbeeld Jan Peter, in plaats van excellentie. Differentiëren is daardoor voor ons misschien wel moeilijker dan in andere landen, als bijvoorbeeld Frankrijk, waar de machtsafstand groter is. Maar die omslag is niet onmogelijk. We moeten er gewoon mee beginnen!’ Binnen de GGZ kan er ook nog het nodige veranderen. Het belangrijkste is volgens Weggeman het aanstellen van deskundigen als leidinggevende. ‘Haal de MBA’s (Master of Business Administrator) uit het management en stel daarvoor in de plaats kenniswerkers aan!’

Gepubliceerd in het VGCt magazine – uitgave bij het Najaarscongres, 2010 

Shiny Balls en Les Escargots

‘t Kampje lijkt zondag op een Frans dorpsplein. Het is prachtig weer, er klinkt Franse muziek. Er wordt bier en wijn gedronken. Voor het eerst wordt op ‘t Kampje het Ouderkerks Jeu de boules kampioenschap gehouden. 

De banen zijn ‘s ochtends in gereedheid gebracht. In plaats van grind is voor kunstgras gekozen. Op zes banen wordt gespeeld, 24 teams doen mee aan het toernooi. Een potje duurt twintig minuten. Veel deelnemers kunnen zich de jeu de boules toernooien bij Loetje nog goed herinneren. Tot zo’n vijf jaar geleden werd het toernooi aan de andere kant van de Amstel gehouden. Door de herinrichting van de buitenruimte is dat niet meer mogelijk. Medewerkers van DE BANQ hebben het toernooi naar ‘t Kampje gehaald.

De aankleding is van het plein is top, en de verplichte baretten voor de deelnemers maken het geheel helemaal af. Een aantal spelers heeft daarnaast een streepjes shirt uit de kast gediept. Om één of andere reden zijn streepjes nu eenmaal heel erg Frans.

Tijdens de eerste wedstrijd is het even aftasten. Hoe staat het met de kwaliteiten van de teamleden en hoe is de conditie van de baan? Na de eerste wedstrijd zijn de wedstrijdzenuwen eruit. Nu kan het echte werk beginnen.

Team Hofje is net klaar met de tweede wedstrijd. Ook deze ging verloren. “We gaan zo voor het kaasplankje,” aldus een van de teamleden. Ondanks het verlies zit de stemming zit er goed in.

Even verderop staat een groep jongens met een biertje in de hand. “Ons team heet Shiny Balls,” vertelt Sebastiaan, terwijl hij naar de glimmende jeu de boules ballen wijst. Het maakt een verdere uitleg overbodig. “We zijn op trainingskamp geweest in Zuid-Frankrijk.” Daar heeft het jongensteam volop geoefend. Een prima voorbereiding, ware het niet dat de omstandigheden in Ouderkerk anders zijn. “We hebben op een grindbaan geoefend.” Het kunstgras is daarom even wennen. Na een klinkende overwinning van 11-0, ging het bij het tweede potje gruwelijk mis. “We verloren met 10-4.” Naar de reden is het gissen. Was het de baan, nonchalance of een kwestie van zelfoverschatting? In de derde wedstrijd moet de knop om.

Uiteindelijk blijkt de gedegen voorbereiding niet genoeg voor de winst. Niet team Shiny Balls, maar Los Cojones schrijft het toernooi op zijn naam. Ze winnen de finale van Les Escargots en gaan naar huis met een prachtige bokaal. Zo komt er een einde aan een geslaagde middag. Niet alleen voor de organisatoren smaakt het toernooi naar meer. Ook de deelnemers hebben genoten van de sfeer. Volgend jaar weer?

Geplaatst in Weekblad voor Ouder-Amstel, 19 september 2018

Slob- en slootrace: vrijwillige duik in de modder

Dit jaar vond de tachtigste editie van het Waverfeest plaats. Van woensdag 8 tot en met zaterdag 11 augustus stond het buurtschap op zijn kop. Krat stapelen, kuilbanden gooien en de slob- en slootrace: zomaar wat vaste onderdelen van het feest. De laatste, de slob en slootrace, was dit jaar extra zwaar vanwege het regenachtige en frisse weer.

Vrijdag aan het einde van de middag is het feestterrein nagenoeg verlaten. Vanaf 18 uur wordt het steeds drukker – om 18.30 uur start de inschrijving voor de slob- en slootrace. Niet alleen mensen uit Waver doen mee. Ook uit omliggende plaatsen komen geïnteresseerden. Een deel van de deelnemers gaat voor de winst. In Noord-Holland wordt op verschillende plekken een dergelijke race gehouden. Er is zelfs een Nederlands Kampioenschap.

Vrijgezellenfeest

De meerderheid doet echter voor de lol mee. Of heeft geen keus: een jonge vrouw in roze overall viert haar vrijgezellenfeest met een duik in de modder. Inwoner Gerrit de Groot is moed aan het verzamelen. Hij heeft na jaren besloten weer eens mee te doen. “Het is toch een jubileumeditie,” verklaart hij zijn deelname. In het verleden ging dat goed. “Toen had ik een goede conditie.” Dit jaar ziet hij het wat dat betreft minder rooskleurig in. “Het zal wel wandelen worden in plaats van rennen.” Zijn ervaring komt hem goed van pas. “Je moet niet naar beneden springen, de sloot in, want dan kom je vast te zitten. Je moet zo plat mogelijk landen.”

Klaar voor de start

Zijn bril zit vast met elastieken, zodat hij deze niet kan verliezen. Hij twijfelt nog over zijn schoenen: aan of uit? Veel tijd heeft hij daarvoor niet: deelnemers moeten zich verzamelen. Met behulp van drie veewagens worden ze naar de start vervoerd. Het is inmiddels gaan regenen, het waait en het is koud. De deelnemers staan te popelen om te beginnen. Het water in de sloot is vast warmer dan de regen. Binnen mum van tijd zijn de eerste deelnemers al weer binnen. Niet Gerrit, maar Timo Kas finisht als eerste. Katinka Meijer is de eerste vrouw.

Geplaatst in Weekblad voor Ouder-Amstel,  15-08-2018

tekstschrijver en fotograaf